Daarginds de groene heuvels.

Op dit blog vertrouw ik in gedeelten mijn pennenvruchten toe van het houden van vakantie in Frankrijk, het wonen daar en onze belevenissen daarginds.
Ik ben met het schrijven hiervan al begonnen in 1994, waar blijft de tijd ?

Met een "voorraad" van 130 bladzijden, zal ik twee keer per maand een hoofdstuk posten, op de 1ste en 15de van iedere maand.
Ik maak er dus een feuilleton van!

Om privacy redenen heb ik de namen van de personen die in de verhalen voorkomen veranderd.

Lees gezellig mee en een reactie van tijd tot tijd zou ik erg op prijs stellen.
Als het je aanspreekt en je wilt niets missen, dan kun je ook volger worden.
à Bientôt, (tot straks).............Daarginds !

dinsdag 15 april 2014

VERDER KIJKEN.....




Na ons bezoek aan Fours, reden we verder en toen we Nevers binnen reden, voelden we ons als gestoofde peren in de rode wijnsaus.
In de auto was de temperatuur behoorlijk gestegen en de open raampjes gaven ook al niet vele verkoeling. Het doordringende lawaai van optrekkende vrachtauto`s en de stank van de diesels werkten niet zo rustgevend.
Op een ansichtkaart ziet het er vredig uit. Nevers; met hoog tegen de helling gelegen majestueuze oude gebouwen.
De rivier de Loire stroomt gezapig langs de stad met aantrekkelijk schaduwrijke wandelpaden.
We twijfelden zouden we hier de “Ibis” induiken of zouden we verder gaan?

We gingen verder, richting Moulins-sur-Allier. Volgens ‘LAGRANGE’ een Luilekkerland voor woningzoekenden!
Halverwege passeerden we een wegwijzer, met de plaatsnaam
“Bourbon L`Archambault”.
“Oh”, riep ik in mijn nopjes, vanwege het herkennen van de moeilijke naam.
“Daar moeten we ook nog naar toe. Weet je wel, het plaatsje van die foto met de ruïnes van een kasteel. In “LAGRANGE” hebben we ook nog een advertentie aangestreept van een notaris daar”.
“Laten we daar dan maar eerst neer toe gaan, misschien kunnen we daar wel ergens overnachten, ik heb geen zin om in een drukke stad te gaan zoeken”, zei Joep, terwijl hij snelheid minderde.
We zaten net op het gedeelte van de weg, waar de weg overging in een vierbaansweg. We waren verplicht een paar kilometers door te rijden, voordat we konden keren.
Nadat we gekeerd waren, kwamen we door een paar kleine slapende schilderachtige dorpen.

We waren onder de indruk van de omgeving.
Groene heuvels, de een iets steiler dan de andere, doorsneden met valleien van onder andere de rivier de Allier en kleinere stroompjes.


Bloeiende bomen in roze en wit stonden mooi te zijn tussen het tere groen van andere ontluikende gewassen.
Smalle kronkelende wegen met aan weerszijden hoge heggen, waarin van alles groeide en bloeide, vooral de brem.
De brem, de mimosa van de Auvergne.

In de verte staken de rode daken af tegen een waas van zachtgroen.
Imposante oude eiken stonden her en der in de weilanden.
De voor ons zo witter dan wit aandoende “Charolais” koeien lagen in de schaduw van de eiken.
We waren inmiddels in het departement; de “Allier”, het noordelijke gedeelte van de Auvergne.
We voelden allebei hetzelfde; dit was het Frankrijk wat we voor ogen hadden.

Toen we “Bourbon L`Archambault”  binnen reden, werd dit gevoel alleen nog maar versterkt.


Een levendig plaatsje waar hoog boven de daken van de huizen, de ruïnes van het “Chateau des Ducs de Bourbon” uit torenen. Een gezellige straat met terrasjes, eeuwenoude smalle steile zijstraatjes, winkels en een pleintje voor de “Marie”.
In het centrum zagen we gebouwen, met de “grandeur” van vervlogen tijden en die architectonisch gezien, niet zouden misstaan op de Boulevard des Anglais in Nice.
De meeste van de gebouwen, zijn in gebruik als hotel of worden als gemeubileerde appartementen verhuurd.
Bourbon L`Archambault is een kuuroord voor mensen met reumatische aandoeningen.



In tegenstelling tot andere kuuroorden liepen hier geen mensen rond, die devoot aan een bekertje mineraal houdend water liepen te nippen.
Dat is ook beslist af te raden, want het water komt op een temperatuur van ongeveer vijfenvijftig graden Celsius uit de bron!

We reden een rondje door Bourbon en ons oog viel op een oprit overspannen met een sierlijke boog met de naam “Villa des Fleurs”.
We parkeerden onze auto op de “cour”. We werden gastvrij ontvangen door de eigenaresse.
Er waren nog drie kamers vrij en wij mochten kiezen.
We namen een grote kamer op de eerste verdieping, waar blauw de hoofdkleur was. Hoge ramen met lange blauwe gordijnen, opgehouden door een embrasse. Een mooie antieke marmeren schouw met een spiegel er boven en een zitje gaven de kamer een huiselijk tintje.

Het was nog steeds heerlijk weer. We gingen even uitblazen op het terras, omgeven door een tuin, waar de kleuren van de vroeg bloeiende planten de boventoon voerden.
`s Avonds lieten we ons in de sfeervolle eetzaal, te midden van de andere gasten, verwennen met een smakelijk menu.

De volgende dag gingen we vanuit Bourbon alsnog een kijkje nemen in Moulins. Volgens de advertentie in “LAGRANGE” op zoek naar de makelaar met wel vijfhonderd aanbiedingen!
Toen we in het centrum aankwamen en de auto hadden geparkeerd, werden we getroffen door de charme die “Moulins” uitstraalde.
Een gezellig plein, winkels, terrassen, de overdekte “Halle”, de twee grote kathedralen, die al vanuit de verte te zien waren.
Musea, oude huizen, het “belfort of Jacquemart”, heel verrassend en aantrekkelijk.


We kregen gelijk de neiging om cultureel te gaan doen! Maar we waren uiteindelijk gekomen voor de makelaar met dezelfde naam als het belfort.

Onderweg namen we op een terras nog een glaasje jus d`orange. We keken naar het komen en gaan van auto`s, mensen die boodschappen deden en parkeerwachters, die met gulle hand bonnen uitdeelden!
Meneer “Jacquemart” was niet de enige makelaar merkten we. Bij de tweede etalage, behangen met foto`s en omschrijvingen, werd het ons al te veel om te onthouden, te vergelijken of te beoordelen.
Ook onze handicap van steeds weer moeten plassen speelden ons parten!
Het was wel vreemd dat we er alleen last van hadden, als we voor de “immobiliers” stonden.
Hadden we soms last van een anti-huizenkijk virus??
Of was het een zusje van mijn anti klerenwinkel virus en had ik Joep besmet?
Te veel kleren en te veel mensen, die er kennelijk geen moeite mee hebben om de speld in de hooiberg te vinden. Niks voor mij!

Al kijkend, pratend en steeds toiletten bezoekend, kwamen we tot een conclusie; het scala van aanbiedingen was (weer) te groot voor ons bevattingsvermogen.
We keerden opgelucht terug naar Bourbon.
Heel toepasselijk gingen we op zondag de achtste mei, `s morgens op zoek naar de “Avenue du 8 Mai 1945”, waar het notariskantoor gevestigd zou zijn.
Toen we vanuit de oprit van het hotel de weg op wilden draaien, moesten we eerst voorrang geven, aan een fanfare.
Achter de fanfare liepen een tiental veteranen uit de oorlog, die na hun ereronde door het dorp op weg waren naar het monument voor de jaarlijkse herdenking.

Het kantoor van de notaris was gevestigd in een witte bungalow met een tuin en een hek er omheen, zo op het oog een normaal woonhuis.
Maar er stond een vitrine met aanbiedingen voor het hek op de stoep.
Een verademing, slechts vier aanbiedingen in de vitrine. De aanbiedingen uit “LAGRANGE” stonden er helaas niet bij.
Zou alles al verkocht zijn?
Of was het vanwege plaatsgebrek in de vitrine?
We hoefden zowaar niet te plassen, ondanks ons glas jus d`orange en twee koppen thee bij het ontbijt!
Misschien een goed voorteken?

Volgens het bord, waarop de kantoortijden stonden vermeld, konden we vanaf maandagmiddag twee uur terecht........

                                    ***************************

RECEPT.

Geroosterde boterham met avocado en uitgebakken spek.

Een lekker, simpel lunchgerecht.
- brood naar keuze
- 1 of 2 rijpe avocado`s
- peper,zout,citroensap
- ontbijtspek of bacon.

Rooster de boterhammen. Prak de zachte geschilde avocado`s met het zout, peper en citroensap door elkaar.
Bak het spek knapperig uit.
Beleg de boterhammen met het avocado mengsel en uitgebakken spek.


Daarginds



                                                       ****************

dinsdag 1 april 2014

KIJKEN....KOPEN!?




Toen we in Autun aankwamen, heerste daar een gezellige drukte, het was marktdag.
De mark lui boden hun waar te koop aan zonder nadrukkelijk de aandacht te vragen.
De kleding, bloemen, kaas en bedden met matrassen in alle soorten en maten stonden uitgestald, geen geschreeuw of reclameborden. Het vertrouwen in het koopgedrag van de klant was kennelijk groot.
De mensen liepen rustig rond, maakten een praatje ploften bepakt en bezakt neer op een zonovergoten terras voor hun dagelijkse “petites rouges”.
Wij deden mee alsof het ons dagelijkse werk was, geen haast, geen stress, kijken, vergelijken met Nederland, kochten niks en keuvelden alleen met elkaar.

In een bar, rijkelijk voorzien van vale bruine formica tafels en oranje plastic kuipstoelen, wilden we een “petit noir” (espresso) bestellen.
Achter de bar stonden de barman, groot en breed en een miezerig vrouwtje, gekleed in een té heet gewassen roze truitje. Zij waren in een zo te zien heftige discussie verwikkeld.
Was het misschien zijn vrouw?

Een paar mannen nonchalant, leunend tegen de bar met een “pression” (tapbiertje) in hun handen, in een mist van sigarettenrook, deden ook een duit in het zakje.
Wij gingen op veilige afstand aan een tafeltje zitten.
Blèrende muziek deed zeer aan ons oren!
De barman rukte de filter uit het espressoapparaat en wapperde vervaarlijk met zijn theedoek.
Al pratend wees hij plotsklaps met een bestraffende vinger in onze richting en gooide zijn kin omhoog.
Dit bleek voor ons het sein te zijn om boven de herrie uit, onze bestelling te mogen doorgeven!
Hij trok zijn wenkbrauwen nog hoger op en haalde zijn schouders op!
Hij verstond het niet! Niet zo vreemd, want hij bemoeide zich ook nog steeds met de conversatie van de mannen.
Uiteindelijk beeldden wij, als mimespelers, een kopje met oor uit en wezen met onze duim en wijsvinger de gewenste grootte aan.
In no-time kwam hij achterom kijkend met de theedoek wapperend over zijn schouder en doorratelend, onze koffie brengen.
Hij zette de volle kopjes achteloos op het tafeltje!

Na onze bijzondere koffiepauze liepen we straat in en uit op zoek naar “Immobiliers” (makelaarskantoren).
Toen we voor een etalage stonden te kijken, begon Joep zoekend om zich heen te kijken.
“Ik krijg zo`n kramp in mijn buik, ik moet zo nodig!” hoorde ik hem benepen zeggen.
Samen tuurden we langs de reclameborden aan de gevels.
Een eindje verderop was weer een bar. Ik zei medelevend: “Ga jij maar, ik blijf wel hier”.
Eerst dacht ik: “Ben je notabene uit de kleine kinderen!” Maar mijn gedachten gingen terug naar de avond er voor en ik dacht: “Tja, geen wonder!”

We waren in een wegrestaurant bij Beaune, we stonden in de rij en we bestelden een “faux filet” (gegrild lapje rundvlees).
De “chef de cuisine” van de grilplaat gooide twee glibberige rode lapjes, die hij uit een laatje tevoorschijn toverde, met veel poeha op de sissende platen.
In drie seconden om en om veranderde hij ze, afgaande op de gelukzalige blik in zijn ogen, toen hij ze op een groot wit bord kwakte, in een voor hem aantrekkelijke delicatesse! Asgrauw zagen ze er uit!
Vervolgens gooide de “chef de cuisine” van de fritesoven er royale schep spiraalvormige bruine staafjes bij.
Toen we vroegen of de “faux filet” weer terug mocht op de grill, we wilden ze rosé, niet rauw, reageerde hij alsof we hem een oneerbaar voorstel deden.
Hij pakte verontwaardig mompelend de lapjes van de borden en gooide ze nijdig op de plaat terug, om ze er vervolgens gelijk weer af te halen!
“Voilà, bon appetit!”
Volgende …………..



Toen ik alle aanbiedingen, die in de etalage van de makelaar hingen van voor tot achter en van achter naar voren had doorgenomen, kwam Joep eindelijk terug.
Opgelucht zei hij: “Ik heb nog maar vlug een flesje mineraalwater gedronken, want ik vond het zo gek om gelijk naar de W.C. te rennen!”

Verderop op de hoek van de straat, bij een plein waar de volgepakte auto`s af en aan reden, stonden we weer voor een etalage te kijken. We kwamen tot de ontdekking dat bij verschillende makelaars vaak dezelfde aanbiedingen hingen, maar soms voor verschillende prijzen.
Het verkoopsysteem in Frankrijk zit anders in elkaar dan bij de makelaars in Nederland.
Terwijl ik mijn best deed om alles te vertalen, sloeg Joep z`n arm om heen en fluisterde, extra benepen in mijn oor: “Ik moet zo nó-dig plassen!”
Dit keer zochten we samen een bar op en uit voorzorg ging ik ook maar even plassen.

Genoeg aanbiedingen dus, maar we vielen er niet voor.
Door onze sanitaire noodstoppen konden we ons niet meer goed concentreren en hielden het voor gezien…..

Tegen etenstijd was het centrum ineens uitgestorven, alsof een goochelaar iedereen had laten verdwijnen. In de restaurants waren de mensen terug te vinden.
Wij schoven aan en deden ons tegoed aan een “Boeuf Bourgingnon”.
In onze reizende apotheek hadden we uiteindelijk een assortiment druppels en pillen, waarop een apotheker jaloers zou zijn!
Van homeopathische druppels tegen lichtelijk gerommel tot een paardenmiddel, waarvan je tien dagen later nog alleen maar kiezelstenen kunt produceren.
Een overblijfsel van mijn voorzorgsmaatregelen voor mijn reizen naar Turkije en
Egypte.

We reden verder richting Fours.
In “LAGRANGE” hadden we een advertentie van een huis met foto gezien en dat leek ons wel wat. Een robuust vierkant huis met maar liefst vijf schoorstenen op het dak en rondom ramen met luiken.
In Fours werden we verwelkomd door de “gendarmes”; controle.
Gelukkig reden we niet te hard en de papieren waren in orde.
We maakten van de gelegenheid gebruik en vroegen of zij wisten waar we het huis op de foto konden vinden. Helaas, het zei hen niets en ze gaven het advies om het bij de “Marie” (gemeentehuis) te vragen.
Bij de “Marie” was niemand te bekennen, geen wonder het was uiteindelijk nog uitbuiktijd!

Ineens kwam er een auto aanrijden met een reclametekst op de zijkant, het was de “plombier”(loodgieter).
De auto werd geparkeerd op de stoep waar wij stonden. Er stapte een grote ongeschoren man uit met een wilde zwarte haardos.
Hij had een uitdrukking op zijn gezicht, alsof hij er zelf van was geschrokken, dat hij op dit uur van de dag al weer met zijn gereedschapskoffer in zijn hand stond.
Wij duwden hem de advertentie onder zijn neus. Hij stond nadenkend verschillende namen te mompelen, terwijl hij hardhandig door zijn haar stond te krabben.
Hij wist het! We moesten terug, eerste straat links en net buiten het dorp aan de linkerkant moest het zijn.
Door onze aanspraak leek het alsof hij zijn pijngrens om weer aan de slag te moeten had verlegd en belde fluitend aan bij een huis.
Met een “Au revoir et Bon courage” van de loodgieter gingen we op zoek.

Toen we voor het huis stonden, viel het ons behoorlijk tegen.
Op de foto zag het er veel strakker uit. Het was onbewoond en het grote toegangshek zat met een touwtje dicht gebonden.
Weifelend, doen we het of doen we het niet?, openden we het hek en slopen de oprit op.
Achter het huis kwamen we op een grote “cour” (binnenplaats), bezaaid met rommel en ommuurd met zielig tegen elkaar leunende gebouwtjes.
Het luik van een raam hing scheef tegen de gevel en het raam stond een stukje open.
Verderop stond een oude keukenstoel en ik zei tegen Joep: “Durf jij even binnen te kijken? Met die stoel kun je er in klimmen”.
“Niemand kan ons zien, ik doe het”, antwoordde Joep samenzweerderig.
Zo gezegd, zo gedaan en ik ving door het open raam een paar kreten op, zoals mooie balken en grote schouwen.

Ondertussen liep ik toch niet zo op mijn gemak heen en weer te drentelen en hield de oprit nauwlettend in de gaten. Je weet nooit, hoe snel de plaatselijke Tomtom werkt!
Inderdaad, ik hoorde ineens op de weg een auto aankomen en stoppen.
Vliegensvlug rende ik naar het open raam en siste tegen Joep:
“Vlug, eruit, er komt iemand aan!”
Joep, sprintte als een hordeloper over het aanrecht het raam uit, zonder de keukenstoel te gebruiken.
We deden gauw het raam dicht en parkeerden de keukenstoel een eind verderop en gingen geïnteresseerd rond lopen kijken.
Er kwam een Mevrouw aanlopen, we stelden ons voor en lieten de advertentie zien. We boden in ons gebrekkige Frans onze verontschuldigingen aan voor het feit, dat we daar zo maar ongevraagd “rondliepen”.
Eerst keek ze ons wantrouwend aan, maar later toen het ijs gebroken was, vertelde ze dat het huis van haar zuster was, die in Parijs woonde.
Het telefoonnummer in de advertentie was haar nummer. We legden haar, om ons geweten te sussen, uit dat het voor ons zo moeilijk was om in het Frans te telefoneren. Met de belofte, dat we echt zouden bellen als we er verder op in wilden gaan, namen we afscheid.
In de auto slaakten we een zucht van verlichting en zeiden opgelucht tegen elkaar: “Poeh, dat ging maar net goed!”
Op de terugweg naar het dorp zwaaiden we extra vriendelijk naar de streng kijkende “gendarmes!”.


                                       **********************

RECEPT.


MANGO-CHUTNEY.

Ingrediënten:


- 2 grote mango's
- 3 grote uien
- 100 gr rozijnen.
- 200 gr geleisuiker
- 2 dl azijn (balsamico/wit of rosso)
- 8 kruidnagelen
-1 koffielepel Raz el hanout kruiden( = mengsel van o.a. gember, kardemom, koriander, cumin,muskaat)   of strooi bij gebrek aan Raz el Hanout, wat van de daarin aanwezige kruiden apart er bij.
-peper en zout
- snufje kaneel
- water of sinaasappelsap.


Maak de mango's en uien schoon en doe ze met alle andere ingrediënten (BEHALVE DE GELEISUIKER) in een pan en laat op z'n minst een half uur zachtjes pruttelen en garen.
Let op voor droogkoken, dan naar behoefte beetje water of sinaasappelsap toevoegen.


Op het laatst de geleisuiker toevoegen en de chutney binden volgens de gebruiksaanwijzing aangegeven op het pakje.
Vul de met soda schoongemaakte en goed nagespoelde potten. 


Lekker bij de barbecue, koud vlees en op een bruine boterham met oude kaas. 

****************************

zaterdag 15 maart 2014

NA DE VERHUIZING en INDICATEUR LAGRANGE.

Maanden later zaten we op onze nieuwe stek. Minder grond, minder kamers, minder luxe, máár meer geld op de bank.
De wetenschap dat er genoeg geld op de bank stond om op een dag tegen elkaar te zeggen: “Kom laten we vandaag eens een huis in Frankrijk gaan kopen”!, was prettig.
Maar op dat moment werden we ook een beetje terughoudend.
Het moment van de waarheid; geld uit gaan geven aan iets wat we al zo lang wilden……..doodeng!

De woonkrant bleef belangrijk. Telefoontjes over en weer, een bezoek aan mensen in Brabant, die hun huis wilden verkopen. Daar foto`s bekijken, gezellig praten, maar nee het was het net niet helemaal.

Op een gegeven ogenblik gingen we met Flip en Anneke, onze vrienden die in de Dordogne woonden, op huizenjacht.

Flip had een vriend van de Rotaryclub, een makelaar en daar hadden we een paar huizen uitgezocht om te bekijken.
Op een dag bekeken we diverse huizen.
De één leuk, maar te afgelegen, een beetje prijzig en de ander helemaal niet leuk en nog duurder.
Flip heeft een optimistische kijk op het leven.
Bij het goedkoopste huis dat we zagen zei hij vrolijk, terwijl hij van de ene naar de andere kamer liep: “Joep, een beetje nieuw tegelwerk, een behangetje, een likje verf hier en daar, best wat van te maken!”
“Ja”antwoordde Joep even optimistisch en hij knipoogde naar Anneke en mij: “Een likje verf op de verrotte kozijnen, een beetje tegelwerk op muren met scheuren, de vloeren lopen maar ietjes af en er is geen water!" Waarom koop jij het niet? Er is best iets van te maken”!

De volgende dag hadden we nog een bezichtiging.
Een huis op dezelfde heuvel als waar Flip en Anneke woonden, maar dan aan de andere kant. We reden er naar toe in de auto.
De steile, smalle kronkelende verharde weg, ging over in een keien pad en werd nog smaller.
Flip verminderde nauwelijks snelheid. Anneke en ik hingen heen en weer slingerend aan de handgrepen. Nou niet bepaald comfortabel hotsend in de Renault Espace kwamen we boven. Flip kon het niet laten om ons nog even te plagen: “Jullie zaten zeker met samengeknepen billetjes………?”

Terwijl we op de makelaar wachtten, genoten we van het uitzicht. De rivier de Dordogne kronkelde diep beneden ons door de vallei. De grote brug met zijn sierlijke bogen was duidelijk te zien. De gekleurde daken van de huizen staken hier en daar hun kop op.
Vér, héél ver konden we kijken.
De zon scheen, vergezeld van een beetje frisse wind. Voor hartje winter niet slecht.
We liepen een beetje rond. De tuin was perfect onderhouden, gras met veel rozen, die nu gemillimeterd als kale stokjes uit de grond staken.

De makelaar kwam op een motor met een bloedgang de oprit opstuiven.
Hij zag er uit als een oudere versie van James Dean. Brede schouders en strak in het leer.
Hij trok zijn grote leren handschoenen uit en verontschuldigde zich voor zijn late komst.

Hij opende de voordeur en stapte binnen. Hij nodigde ons ook uit om binnen te komen en ging er als een haas van door naar een ander vertrek.
Terwijl wij in de keuken, annex woonkamer bleven staan, hoorden we gestommel en het openen van ramen en luiken.
In de keuken/woonkamer was in de hoek een grote witte gootsteen, het rook er een beetje muf en er hing een telefoon uit het jaar nul aan de muur.
Een grote ouderwetse schouw was het middelpunt van het vertrek, met daarvoor een tafel met zes stoelen.
Opdringerig oranje geblokt behang stak scherp af tegen het donkere hout van de balken en deuren.
We volgden de makelaar door drie slaapkamers en een piepkleine badkamer.
Door de geopende ramen keken we op Souillac beneden ons.
Al met al niet onaardig.

Vervolgens gingen we in optocht achter de makelaar aan naar beneden.
Daar liet hij ons een ingewikkelde fabriek van ketels, slangen en apperatuur zien.
Het huis was niet aangesloten op de waterleiding………
Het regenwater werd opgevangen in een tank waar tienduizend liter in kon.
We hadden er bovenop gestaan, want de tank lag onder het terras.
Het water werd gezuiverd en vervolgens naar boven gepompt.

Flip als echter “campingboer” begon te hoofdrekenen Hij wist precies het verbruik per persoon per dag uit zijn hoofd.
De uitkomst was, het zou problemen kunnen geven als het te weinig regende….afhankelijk van het aantal personen en de lengte van het verblijf.
We vonden het wel aardig, maar ontdekten dat de andere kant van het dak, bedekt was met zwarte golfplaten!
Flip vertelde de makelaar in rap Frans, dat we het wel aardig vonden, maar dat de vraagprijs veel te hoog was.
Uiteraard was de makelaar het daar niet mee eens. Na nog wat over en weer gepraat, namen we afscheid van de makelaar.
We zouden er nog eens over nadenken en nog wel van ons laten horen.

Hotsend over het keien pad zaten we de voors en tegens tegen elkaar af te wegen. Flip en Anneke hadden het nog over een sourcen (bronnen) zoeker, om de watervoorziening te veranderen.
Verderop kwamen we langs een huisje, waarvan de tuin volstond met oude rotzooi. Tientallen oude autobanken stonden her en der verspreid.
Verder te veel troep om ook maar iets te herkennen.
Leuk zo een buurman!

Ineens zei Anneke heel wijs: “Als je een huis ziet, moet je er gelijk helemaal weg van zijn. Vlinders in je buik voelen, er gewoon verliefd op worden, anders moet je het niet kopen!”
Thuisgekomen waren we het daar roerend mee eens, namen een “Kir” en waren het huis vergeten.
We brachten nog een paar gezellige dagen door met elkaar, entre nous!
We aten, dronken, speelden tot in de kleine uurtjes Triviant, gierden van de lach en hielden ernstige gesprekken over leven en dood.

Joep en ik kwamen thuis, zonder huis in Frankrijk, maar blij met zulke vrienden.

                                            **************************


INDICATEUR LAGRANGE.

Op een woensdagochtend stond ik haastig de woonkrant door te bladeren.
Ik zocht zoals gewoonlijk het eerst de rubriek “Frankrijk”op.
Ineens viel mijn oog op een advertentie met als kop: “Zoekt U een eigendom in Frankrijk”? Vervolgens: “Vraag een gratis exemplaar aan van “Indicateur LAGRANGE” aanbiedingen in alle regio`s”……enzovoort.

Ik maakte in mijn beste Frans een briefje van hooguit drie regels en verzocht om toezending van een exemplaar.
Daarna ging ik naar de markt en deed de brief gelijk op de post. Ik liep ondertussen uit te rekenen wanneer we op zijn vroegst iets bij de post konden verwachten. Misschien een dag of tien?

Al binnen een week lag er een dik pak in de brievenbus. We kregen maar liefst twee exemplaren toegezonden. Een recente uitgave en één van een half jaar oud. Grandioos!

Met een kopje koffie en de juiste bril op installeerde ik me op de bank. Twee boekwerken met ieder zo`n honderdveertig bladzijden vol met aanbiedingen.
 Een knalrode voorkant met kleurenfoto`s van diverse huizen.
Allereerst een overzichtelijke indeling van de departementen en regio`s.
Het meest recente exemplaar bekeek ik verwachtingsvol, een tiental pagina`s met kleurendruk en de rest in zwart/wit uitgevoerd.

Zoveel aanbiedingen van particulieren, makelaars en notarissen had ik nog nooit bij elkaar gezien!
Van appartement tot echte kastelen.
Na een uurtje ingespannen bladeren en vergelijken, begon het me te duizelen.
Ik schoof alles aan de kant en ging afwassen. Als een robot liet ik de kopjes en schotels door mijn handen glijden, terwijl er in mijn hoofd een grote chaos ontstond van plaatsnamen, departementsnummers, omschrijvingen, streken, prijzen en foto`s.
Ik dacht wanhopig bij mezelf: “daar is niet uit te komen”.
Toch kon ik de verleiding niet weerstaan en begon opnieuw.

Toen Joep thuiskwam zat ik met een verhit hoofd, inmiddels bedolven onder de Michelinkaart, telmachine, blocnote met notities, signaleerstift, de krant voor de valutakoers en het boekje van de Frans-Nederlandse Kamer van Koophandel.
Daar tussen in een grote zwarte harige bol, de kat, die hard lag te snurken en een hond die liep te drammen omdat het de hoogste tijd was voor zijn wandeling.
“Wat doe jij nou?”vroeg Joep verbaasd.
“We hebben twee exemplaren van “Indicateur LAGRANGE” gekregen!” zei ik al iets minder enthousiast. Ïk word er gek van, zovéél huizen!”
Niettemin liet ik de bladzijden op ooghoogte aan hem voorbij wapperen. Joep was net als ik onder de indruk van zoveel aanbiedingen en zei helemaal op mijn geduld en pietluttigheid vertrouwend: ”Ik kijk zo wel even” EVEN……!!??

Een paar avonden lang verdiepten we ons in de  “maisons et fermettes”.  




Voor het gemak sloegen we de “Manoirs et Chateaus” (Landhuizen en kastelen) maar over.
Eén ding werd duidelijk, we moesten voor ons zelf gaan bepalen; waar en tot hoeveel francs we wilden gaan.
Wat we wilden, dat wisten we uiteindelijk al jaren.
Een vrijstaand huis op de “campagne”, waar eventueel iets aan opgeknapt moest worden, maar geen bouwval en een redelijke grote tuin.

Waar was ons in de loop der jaren, door onze ontdekkingstochten, min of meer duidelijk geworden.
De meest zuidelijke departementen vielen zo wie zo af: te duur voor ons en naar ons idee te ver weg. Trouwens één of andere internationale ster als buurvrouw of buurman zou op den duur ook vervelend worden.
Stel dat je bij het tuinieren steeds een in jouw tuin op de loer liggende “paparazzi” weg moest schoffelen.
Het klimaat; grote hitte in de zomer, de mistral en soms heftig noodweer trok ons niet zo aan. En een huis vlakbij een beekje of rivier, hoe mooi dan ook, stond al helemaal niet op ons verlanglijstje. Een onschuldig lijkend stroompje kan veranderen in een kolkende watermassa.
Je zou op een herfstavond thuis in Nederland, lekker onder uitgezakt op de bank zitten en je zou dan op de televisie je huis voorbij zien drijven!

De kusten waren aantrekkelijk voor vakanties, eventueel bij Flip en Anneke in de buurt? 


Leek ons gezellig, maar de Dordogne was behoorlijk prijzig geworden, onder andere door de vele Nederlanders en Engelsen, die daar woonden.
Geen wonder, prachtige natuur, historie, alles ineen.
In de winter, de sneeuw en koude van de in het Oosten gelegen gebieden, bekoorden ons ook al niet.
Het liefst niet verder dan ongeveer achthonderd kilometer van huis, het moest makkelijk in één dag te rijden zijn.
Na al deze overwegingen, kwamen we tot een – voorlopige? – plaatsbepalingen: het hart van Frankrijk!

Het bedrag van de te besteden franckes was gekoppeld aan ons saldo op de spaarrekening.
In “LAGRANGE” beperkten we ons tot de aanbiedingen in  de Bourgogne en het noordelijke gedeelte van de Auvergne.

We streepten diverse objecten aan. We fristen ons geheugen een beetje op.
Ja, we hadden ooit in Autun en Saint-Pourcain-sur-Sioule overnacht.
We haalden reisbeschrijvingen bij de bibliotheek, we lazen en keken plaatjes en werden steeds enthousiaster.
Eind april gingen we gewapend met twee LAGRANGES richting:
“Coeur de la France!”

                                       *********************


RECEPT.

CASSOULET.

Een ideaal gerecht om van te voren, als je meerdere eters verwacht, klaar te maken.
Vaste ingrediënten zijn, bonen en vlees, wat het vlees betreft zijn er vele variaties.
Ik heb ook een variatie bedacht, omdat mijn gasten geen varkensvlees aten en ik géén gekonfijte eendenboutjes bij de hand had.

Ingrediënten, mijn schaal was ruim voldoende voor 8 personen.

- 3 rode uien
- 4 stengels bleekselderij
- 2 preien
- 3 wortels
- 2 tenen knoflook
- tijm, laurier, rozemarijn, peper en zout
- 2 grote potten witte bonen in tomatensaus
- 1 blikje cannellinibonen
- runder chipolataworstjes naar behoefte
- kippen braadworstjes
- blikje tomatenpuree.
- groente of kippen bouillon.
- verse peterselie

Fruit de ui, met knoflook, bleekselderij, wortels aan, voeg de kruiden toe en wat bouillon en schep daar een paar theelepels tomatenpuree door, het geheel tot sausdikte.
In een andere pan de worstjes aanbraden. 
Doe vervolgens alles in een braadslede of ovenschaal, voeg de witte bonen in tomatensaus en de cannellinibonen toe.
Zet voor plm. 40 minuten afgedekt in een oven van 175 graden.
Wij houden niet van de paneermeel laag er overheen, dus dat doen we niet!



Lekker met gemengde salade, kippenbouten en/of kluifjes (op verzoek van de kleinkinderen!) en brood met kruidenboter.


                                                                Bon Appetit!

                                                       ***************************




























zaterdag 1 maart 2014

ADVERTENTIES BESTUDEREN en BESLISSING NEMEN.





In de loop der jaren hadden we regelmatig gereageerd op advertenties in diverse kranten.
Zelden kregen we een keurig verzorgde aanbieding.
De in onze ogen verzorgde documentatie gaf bijvoorbeeld een omschrijving van de streek, duidelijke foto's van de huizen met een uitgebreide omschrijving. Meestal kregen we  een onduidelijke fotokopie van de Franse makelaar met daarop aantekeningen met de pen geschreven in het Nederlands.
De foto van het huis was soms zo onduidelijk afgedrukt,dat het een soort legpuzzel was om het huis, tuin of bijgebouwen te onderscheiden.

Wat ons erg aansprak was de service van een makelaarskantoor in Bourges.
Naar aanleiding van de door ons kenbaar gemaakte wensen werd er een halfjaar lang gratis alle aanbiedingen aan ons doorgezonden.
Door al deze aanbiedingen goed te bestuderen, kregen we een prima indruk van de prijs-kwaliteit verhouding van de diverse objecten. 
Elke keer als er weer zo`n bruine enveloppe met Franse postzegel (dat was begin jaren negentig!) in de brievenbus viel, was het alsof we een kadootje kregen. Lekker op ons gemak, alle aanbiedingen bekijken, vergelijken, afkeuren, gedeeltelijk goedkeuren en wegdromen als we iets helemaal zagen zitten.

Een vast ritueel was onze zondagochtend sessie. Samen aan het ontbijt met vers gebakken pistolets en dan maar kletsen over Frankrijk, jaren lang.

Het ging vanzelf, we haalden herinneringen op aan onze eerste nacht in het hotel in Jussey, onze miskleun met de bestelde niertjes, de brand in de Kever en nog veel meer.
Gekheid maakten we als we een plaatsnaam zoals “La Chapelle de St.Laurian” zagen staan en er werd dan een ruine voor een schijntje te koop aangeboden.
We zeiden tegen elkaar terwijl we op de foto naar de afgebrokkelde muren keken: Nou ja, het klinkt in ieder geval goed als we kunnen zeggen, we hebben een huisje op het Franse platteland. Ja; in “La Chapelle de St.Laurian”.
Soms gingen we zelfs zover en fantaseerden over opknappen.
Een indeling was zo gemaakt, even een verdiepingsvloer erin, een dak erop met leuke dakkapelletjes en bloeiende hortensia`s in de tuin.
Als onderkomen leek een oude caravan ons zelfs ideaal!
Maar als we dan echt  nuchter gingen nadenken, kwamen we tot de conclusie dat het een tien jaren krampeerplan zou worden. Op dat moment bleef het dus bij dromen met open ogen.

Voldoende geld was er nog niet en of het er ooit zou komen?
 Met studerende dochters, een hypotheek, andere vaste lasten, de auto`s en vakanties, dat hakte er behoorlijk in.

Zelfs het idee om een heel ander leven te gaan leiden en een camping te kopen werd van A tot Z op een rijtje gezet.
Geen haalbare kaart; of de aanschafprijs was te hoog en hadden we na verkoop van ons huis toch nog te weinig eigen geld.
Of als de prijs gunstig was, hypotheek en eigen geld voldoende waren, dan waren er weer te weinig inkomsten.
Met een beetje minder of zelfs een heel beetje minder hadden we geen probleem.
Een stukje stokbrood, misschien aangevuld met aardappelen, groenten en fruit uit eigen tuin.
Een vers eitje van onze eigen kippen.
We zouden vegetariërs worden!
We zijn namelijk niet in de wieg gelegd om onze eigen kippen of konijnen de kop af te hakken. Ze dan vervolgens achter glas op een rijtje op een plank te zien staan………. Ik zou geen hap door mijn keel krijgen.

Eten zou kunnen, maar er bleef nog genoeg over waar we nog iets anders voor nodig hadden: geld!
Verzekeringen, gas, water, elektra, onze studerende dochters…….geld, geld!
Even zagen ze ons zelfs nog als “artisans” van het één of ander de kost verdienen.
Bijna iedere zondagochtend was het raak en waren we aan het “brainstormen”.
Echter na het opheffen van onze zitting, namen we een “koude” douche en gingen over tot de orde van de dag.

                            ****************************



Op een druilerige zondagochtend in het voorjaar van 1992 zaten Joep en ik, zoals gewoonlijk in onze dusters in de keuken.
De croissants stonden in de oven lekker dik en bruin te worden. Na het indringende gepiep van de oven nam ik de croissants eruit. Ze waren nog erg warm, dus lieten we ze even wat afkoelen.
Met een vers gezet kopje thee in onze handen, staarden we naar de mooie bruine croissants. Onwillekeurig kwamen er weer herinneringen boven.
Ik zei: “Weet je nog in dat hotel in Confolens, waar we van dat harde opgepiepte stokbrood kregen?”
“Ja”, zei Joep lachend, “op het laatst ging iedereen een beetje lacherig naar elkaar zitten kijken. We leken wel een stel knaagdieren!”

Het gesprek bleef voor ons doen een beetje oppervlakkig.
Vooral als we over Frankrijk aan het praten waren, dan konden we tot zeer filosofische uitspraken komen!

Als vijftiger zei Joep ineens geërgerd: “Moeten we nou nog jaren doorgaan met alleen maar over ons ideaal práten? Als we moeten wachten tot ik in de Vut kan, dan kunnen we het wel schudden. Eerst was het met zevenenvijftig jaar in de Vut en nu pas met eenenzestig jaar”!
Tegen de tijd dat ik eenenzestig ben is het misschien wel afgeschaft.
Dan moet ik waarschijnlijk doorwerken tot mijn achtenzestigste en mag ik blij zijn als ik dan nog eens met pensioen mag!”

Al pratend en wie er het eerst over begon, weet ik niet meer kwamen we tot een besluit.
We zouden ons huis gaan verkopen…….!?

Suzanne woonde al een paar jaar op zichzelf en Leontine zou na het atheneum in Nijmegen gaan studeren.
We waren het er over eens dat we best wat kleiner konden gaan wonen.
Een kleiner huis in Nederland én een huisje in Frankrijk……?
In feite was het toch een ingrijpende beslissing, ons fijne huis in het bos met elfhonderd vierkante meter grond verruilen, ja voor wat…..?

Toen we onze plannen aan Suzanne en Leontine voorlegden, waren ze het er helemaal mee eens.
We wisten zeker dat er hier en daar wel wat vraagtekens werden gezet bij onze plannen.
Nadat we alles zo goed mogelijk op een rijtje hadden gezet, stond een paar weken later het bord van de makelaar met
 in de tuin.
Zo`n bord trok veel bekijks. We zagen dat de wandelaars en fietsers, die langs kwamen hun best deden om niet al té nieuwsgierig naar binnen te kijken.

We kregen mensen over de vloer, die of alles structureel af liepen te kraken; is de woonkamer wel 48m2, jammer van die vide, dat kost je toch een extra kamer enz. Of ze vonden het wel “aardig”, natuurlijk eigen belang in de hoop de prijs te kunnen drukken!
Uiteindelijk verkochten we ons huis in het najaar aan een sympathieke familie.
Het leek alsof ons huis voor deze mensen was gemaakt en dan ben je blij dat het “goed terecht” komt!
We hadden het als casco laten bouwen en verder alles met hulp en onze eigen handjes afgemaakt. Daardoor krijg je aan andere band met een huis, dan waar je instap klaar binnenkomt.
Gelukkig had die familie geen haast met de oplevering.
Voor ons brak een drukke tijd aan, plannen maken voor ons nieuwe stekje, zolder, schuur en garage uitmesten.


                                 *********************

RECEPT.

MINESTRONESOEP.

Voor deze soep is het moeilijk om de juiste hoeveelheden en ingrediënten op te geven.
Het recept voor deze soep verschilt in Italië per streek en er worden veel restjes van groenten in gebruikt of wat b.v. in een moestuin voorhanden is.

Mijn minestronesoep bestaat dit keer uit:


Rode ui, met bleekselderij, kleine prei, teentje knoflook, Italiaanse kruiden en gesneden wortels in biologische zonnebloemolie aan fruiten.
Daarna de courgette in stukjes gesneden er bij doen, handje verse sperziebonen, groentebouillon, blikje tomatenblokjes en een in stukjes gesneden aardappel. 
Laat dit langzaam garen en kook apart wat pasta naar keuze.
Voeg op het laatst een blikje afgespoelde cannellinibonen of witte bonen en de pasta toe, maak de soep op smaak indien nodig.
.



Dit keer als "Hollandse touch" biologische rundergehakt ballen (apart aangebraden en gaar laten worden) er op het laatst in gedaan. 
Zo heb je een heerlijke gezonde maaltijdsoep, vooral handig in het weekend! 

  



                                           *************************